Onderwijsrecht

Algemeen
In onderwijszaken verlenen wij rechtsbijstand bij klachtprocedures, bezwaar- en beroepsprocedures, maar ook bij onderhandelingen over ontslagregelingen, procedures bij Commissies van Beroep,de Kantonrechter en overige rechterlijke instanties.


Verwijdering voortgezet onderwijs
Aan het einde van een wiskundeles verlaat de docent het klaslokaal. Cliënte en haar klasgenoten beslissen in een opwelling in het lokaal op zoek te gaan naar een toets die op korte termijn gemaakt zou moeten worden. Er wordt o.a. gezocht op en in het bureau van de docent, maar ook in de openstaande tas van de docent. In die tas vindt cliënte de toets welke wordt verspreid onder de klasgenoten.

Een dag later wordt dit incident bekend. Als degene die de toets in de tas heeft gevonden en verder heeft verspreid, wordt cliënte door de rector van school verwijderd. Zij zou zich niet de geldende regels hebben gehouden en het gezag van de docent niet hebben gerespecteerd. Het feit dat gezocht is in de persoonlijke eigendommen van de docent acht de rector ook van zwaarwegend belang in het kader van de verwijdering.

Bezwaar en voorlopige voorziening
Nadat bezwaar is gemaakt bij het bovenstaande management wordt bij de bestuursrechter ook om een voorlopige voorziening verzocht, strekkende tot schorsing van het verwijderingsbesluit. Cliënte heeft er immers belang bij zo snel mogelijk weer naar school te gaan.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat het verwijderingsbesluit geschorst dient te worden. Op basis van tal van overwegingen, waaronder met name het gegeven dat de klasgenoten van cliënte onbestraft bleven terwijl de meerderheid ook bij het incident was betrokken, acht de voorzieningenrechter de sanctie van verwijdering een te zware sanctie. Ook het gegeven dat de rector het geldende beleid niet correct had toegepast, speelde een belangrijke rol in de uitspraak van de rechter.

Gevolg van de uitspraak: hangende de bezwaarprocedure moest cliënte weer tot de school en het onderwijs worden toegelaten.

Niet veel later werd de beslissing op bezwaar bekend gemaakt. Alhoewel uit die beslissing bleek dat de rector en het management het niet eens waren met de uitspraak van de rechter werd het bezwaar toch gegrond verklaard.

Cliënte zal haar Havo-opleiding dus onverminderd mogen voortzetten op haar eigen school.

Naschrift
Verwijdering van een leerling is aan regels verbonden. Worden die regels niet in acht genomen dan wordt niet correct gehandeld door het bevoegd gezag. Laat de mogelijkheid tot het aanwenden van rechtsmiddelen dus niet zo maar links liggen.


Verwijdering student wegens wangedrag
Sinds 1 september 2010 hebben hogescholen en universiteiten de bevoegdheid studenten van de opleiding te verwijderen in verband met (herhaald) wangedrag.
Verwijdering van de student mag plaatsvinden indien uit de aard van het wangedrag kan worden vastgesteld dat de betreffende student ongeschikt is voor het beroep waartoe hij wordt opgeleid en ook voor de opleiding zelf.

Ons kantoor behartigde recentelijk de belangen van een student tandheelkunde die door het College van Bestuur van de universiteit van de opleiding was verwijderd omdat hij zich schuldig had gemaakt aan een strafrechtelijk delict.
Naar het oordeel van het bevoegd gezag volgde uit de aard en inhoud van het delict dat de betreffende student ongeschikt moest worden geacht voor het beroep van tandarts en ook voor de opleiding tot dat beroep.

Kort geding
Met een zogenaamd verzoek tot het treffen van voorlopige voorzieningen bij het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs (CBHO) werd geprobeerd het verwijderingsbesluit te laten schorsen zodat de student in ieder geval tijdens de bezwaarprocedure toegang tot het onderwijs zou hebben.
Helaas was het CBHO van oordeel dat de student onvoldoende spoedeisend belang had bij zijn vordering als gevolg waarvan het verzoek werd afgewezen. Er zat voor de student dus niets anders op dan het resultaat van de bezwaarprocedure af te wachten.

Bezwaarprocedure
In  de bezwaarprocedure werd door ons de hier van belang zijnde wetgeving met betrekking tot de verwijdering uitgespeeld, met name de werkingssfeer van artikel 7.42a WHW.
Wij haalden ook relevante beginselen van behoorlijk bestuur uit de kast, die betrekking hadden op het daadwerkelijk ongeschikt zijn voor het beroep van tandarts. Het te volgen besluitvormingsprotocol was overigens ook niet in acht genomen.

De bezwaaradviescommissie stelde de student op alle punten in het gelijk. Het bevoegdheidsaspect werd gehonoreerd en diens gedrag (geen recidive) telde mee.
De commissie was daarnaast, met ons, van mening dat de besluitvorming onzorgvuldig was geweest en berustte op een onvoldoende draagkrachtige motivering.
Niet voor niets luidde het advies aan de universiteit dan ook om het bezwaar gegrond te verklaren.

Beslissing op bezwaar
Het College van Bestuur koos eieren voor zijn geld en verklaarde het bezwaar gegrond. Het besluit tot verwijdering van de student is daarmee vernietigd als gevolg waarvan de student na de zomervakantie zijn opleiding tot tandarts zal kunnen gaan hervatten.

Naschrift
Alhoewel hogescholen en universiteiten over vele bevoegdheden beschikken waarbij gebruik gemaakt kan worden van de evenzeer geldende beleidsvrijheden dienen ook deze onderwijsinstellingen zich te confirmeren aan de grenzen van de wetgeving en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Leg je als student dus niet zo maar neer bij besluiten die je belang treffen.



Examenproblematiek
Inleiding
Cliënt zit in 6 vwo en doet eindexamen. Hij wil geneeskunde gaan studeren: een numerus fixus opleiding, waardoor hij voor toelating afhankelijk kan zijn van zijn gemiddelde eindexamencijfer.
Voorafgaand aan het centraal eindexamen vinden de schoolexamens plaats. En wat gebeurt er... cliënt mist één examen en krijgt daarvoor een 1. Als gevolg hiervan zakt zijn gemiddelde schoolexamencijfer.
Cliënt wendt zich tot ons kantoor om te laten beoordelen wat de mogelijkheden zijn om tegen het cijfer 1 te protesteren.
Examenreglement
Uit het toepasselijke examenreglement blijkt dat cliënt bij de directeur van school bezwaar kan maken tegen de uitslag van het schoolexamen.
Min of meer onbewust bleek cliënt van deze mogelijkheid al gebruik te hebben gemaakt. Tot een voor hem positief resultaat had dit echter niet geleid.
Cliënt kon nu nog terecht bij de door de school ingestelde commissie van beroep ten behoeve van de eindexamens.
Commissie van Beroep
Het begin van het centraal eindexamen naderde en, nog belangrijker, de termijn waarbinnen de school de resultaten van de schoolexamens aan de Informatie Beheer Groep bekend moest maken, liep af.
Het was dus noodzakelijk dat de commissie van beroep op zeer korte termijn uitspraak zou doen. Zou het beroep gegrond verklaard worden dan moest cliënt immers het schoolexamen nog af kunnen leggen.
We hebben alle argumenten bij deze commissie neergelegd.
In de uitspraak gaat de commissie eerst in op de eigen verantwoordelijkheid van cliënt. Vervolgens wordt echter vastgesteld dat de school niet conform de in het examenreglement beschreven procedure heeft gehandeld. Die nalatigheid aan de kant van de school brengt de commissie tot het oordeel dat het beroep van cliënt gegrond is. Cliënt mag het gemiste examen dus alsnog inhalen.
Afloop
Het examen is door cliënt afgelegd met een 8 als resultaat. Zijn gemiddelde cijfer is daardoor gestegen. Cliënt heeft nu een goede positie voor toelating tot de opleiding geneeskunde. Het resultaat van het centraal eindexamen zal de doorslag geven.
Naschrift
Leg je, in geval van onregelmatigheden bij een examen, niet zonder meer neer bij het door de school gegeven resultaat. Het kan lonen om gebruik te maken van rechtsmiddelen.
Doorgaans gelden bijzonder korte termijnen om rechtsmiddelen aan te wenden. Aarzel dus niet en vraag (gratis) advies!

De hardheidsclausule toegepast

Inleiding
Regelmatig komt het voor dat studenten zich niet kunnen verenigen met beslissingen van de Informatie Beheer Groep (IBG). In de bezwaar- en beroepsprocedures staan wij de studenten vaak bij.
In deze rubriek is eerder melding gemaakt van een zaak waarin de IBG een 3x uitgelote studente, na een bezwaarprocedure, alsnog een plaats toewees voor de opleiding Geneeskunde op grond van de hardheidsclausule. Dat het niet altijd tot een bezwaarprocedure hoeft te komen, blijkt uit de volgende zaak.
Eigen verzoek na uitloting
In juli 2008 wordt cliënte voor de 2e keer uitgeloot voor de studie Tandheelkunde. Zij dient zelf, tijdig, een verzoek in bij de IBG om aan haar alsnog een opleidingsplaats toe te kennen in verband met bijzondere omstandigheden. Wij adviseren haar in positieve zin over haar verzoek, in die zin dat de IBG het verzoek zal moeten toewijzen omdat voldaan is aan de criteria die de IBG in haar beleid heeft vastgesteld.
Lang wachten de moeite waard
Cliënte dient haar verzoek in augustus 2008 in. De IBG geeft aan zo'n 4 maanden nodig te hebben voordat een besluit op het verzoek zal worden genomen. Een periode van onzekerheid voor cliënte, maar op 5 december 2008 volgt een verlossend antwoord: met ingang van het volgend collegejaar zal cliënte de opleiding Tandheelkunde gaan volgen.
Naschrift
Een beter Sinterklaaskado had cliënte zich niet kunnen wensen. Rechtsmaatregelen zijn haar bespaard gebleven. 

Terugvordering studiekosten

Cliënte volgt in het studiejaar 2006-2007 een opleiding. Zij wordt tijdens dit jaar zwanger. Gevolg is dat zij genoodzaakt is, in ieder geval tijdelijk, de opleiding te staken. Haar bedoeling is om tijdelijk geen lessen te volgen en examens te maken, maar wel bij de school ingeschreven te blijven staan. In dat geval behoudt zij namelijk het recht op studiefinanciering.
Er van uitgaande dat alles geregeld was gaat cliënte met "zwangerschapsverlof". Haar verbazing was dan ook groot toen de IBG in 2008 aan haar liet weten dat zij de ontvangen studiefinanciering moet terugbetalen.
Inschakelen advocaat
Nadat cliënte van de schrik bekomen is, gaat zij voor advies naar het Juridisch Loket. Gezien onze expertise in onderwijsrecht wordt zij naar ons kantoor verwezen.
Tijdens het kennismakingsgesprek blijkt al snel dat bij de IBG niet meer geprotesteerd kan worden tegen het besluit. Helaas, de bezwarentermijn was verstreken. De enige optie was om de school aansprakelijk te houden voor de geleden schade, bestaande uit het bedrag dat cliënte aan de IBG moest betalen.
Vervolgtraject
Gedurende enige tijd is er tussen partijen gecorrespondeerd. Ook werden documenten uitgewisseld. Cliënte stond er op dat de school zou toegeven dat er een fout was gemaakt door haar uit te schrijven; volgens haar was dat in strijd met de gemaakte afspraak.
De school stelde zich op het standpunt dat de toepasselijke wetgeving tot uitschrijving verplicht en dat cliënte van de uitschrijven op de hoogte is gebracht.
Om de patstelling te doorbreken, wordt een afspraak gemaakt voor persoonlijk overleg.
Tijdens dit overleg wordt duidelijk dat zowel cliënte als de school bereid zijn tot een oplossing te komen. Partijen komen overeene dat zij ieder de helft van de schuld zullen betalen. Gelet op alle feiten en omstandigheden was dit voor cliënte het maximale te behalen resultaat.
Naschrift
Niet altijd hoeft de gang naar de rechter gemaakt te worden. Regelmatig maken wij mee dat tijdens een persoonlijk overleg positieve resultaten worden bereikt.
Alhoewel het er in eerste instantie op kan lijken dat u een lastige zaak heeft, loont het de moeite om uw persoonlijke situatie te laten toetsen, bijvoorbeeld tijdens ons dagelijks gratis spreekuur. 
Bindend negatief studieadvies
Op grond van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek is het voor scholen mogelijk studuenten een bindend negatief studieadvies te geven indien een student niet voldoet aan de eisen van de opleiding. Dit is dus (ook) mogelijk als in de propedeutische fase onvoldoende studieresultaten worden behaald.
De cliënt die wij recentelijk rechtshulp hebben verleend, had zo'n bindend negatief studieadvies ontvangen. Als gevolg daarvan mocht hij zijn opleiding niet voortzetten.
College van beroep voor de examens
Voordat cliënt zich tot ons kantoor had gewend, heeft hij zijn dossier door een andere advocaat laten behandelen. Deze advocaat had namens cliënt beroep ingesteld bij het College van beroep voor de examens tegen het ontvangen studieadvies. Deze procedure verliep voor cliënt niet succesvol.
Kort geding
Omdat cliënt er belang bij had op de kortst mogelijke termijn duidelijkheid te krijgen over zijn positie werd door ons een kort geding-procedure gestart bij de Rechtbank. In die procedure namen wij het standpunt in dat de school tekort was geschoten in de verplichtingen die voortvloeien uit de onderwijsovereenkomst met cliënt, zodat het onrechtmatig was om cliënt in het bezit te stellen van het negatieve studieadvies.
Het kort geding is door de Rechtbank echter nooit behandeld.
Schikkingsoverleg
Nog voordat de behandeling bij de Rechtbank plaats zou vinden, neemt de school contact op voor overleg. Aan de school wordt te kennen gegeven dat het kort geding niet door hoeft te gaan indien cliënt in de gelegenheid wordt gesteld een herkansing te doen. Daarnaast moest over een aantal randvoorwaarden overeenstemming worden bereikt.
Na enige correspondentie over en weer komen partijen een schikking overeen: cliënt krijgt de mogelijkheid tot herkansen. Indien deze herkansing met positief resultaat wordt afgelegd, ontvangt cliënt alsnog zijn P-diploma, zodat hij kan instromen in de door hem gewenste vervolgopleiding.
Het kort geding werd ingetrokken. Of cliënt zijn P heeft behaald, is op dit moment nog niet bekend.
Naschrift
Een rechter mag zich niet inhoudelijk uitlaten over examenresultaten; dat is in de wetgeving bepaald. Er kan dus geen vordering worden ingesteld om een examencijfer te wijzigen. In gevallen zoals omschreven, moet er iets meer aan de hand zijn om een succesvol resultaat te bereiken, zoals een onjuiste uitvoering van de overeenkomst of een handelen in strijd met de examenregels. Laat in geval van twijfel je dossier beoordelen.